Wolfsklauw (Lycopodium clavatum)

Wolfsklauw (Lycopodium clavatum)

Wolfsklauw (Lycopodium clavatum)

De mossoortige altijd groene plant, kruipt met ranken, die een tot twee meter lang kunnen worden met fijne dunne worteltjes over de bodem van het bos. Uit die ranken komen zeven tot tien cm. lange, zeer weke vertakte stengeltjes, die op heide lijken, ze zijn echter weker en groeien dichter op elkaar. Deze vierjarige plant ontwikkelt gedurende de zomer gele kolfjes, waarin zich het stuifmeel – ook wel wolfsklauwmeel genoemd – bevindt. Dit “meel” wordt in de homeopathie bij opengescheurde wonden gebruikt.

Wolfsklauw is een geneeskruid, dat radium bevat en dat door zijn vergroeiende ranken die op koorden lijken en ook door het gele stuifmeel op de kolfjes, duidelijk van de andere mos soorten te onderscheiden is. Het groeit uitsluitend aan de noordkant van hoge bossen en aan randen van bossen, die boven de 600 m liggen. Worden de bossen gerooid, vergeelt de plant en verdwijnt langzamerhand, omdat de wolfsklauw door inwerking van directe zonnestralen niet kan leven.

Dit kruid is bij de apotheek of bij de drogist te bestellen. De groothandel krijgt wolfsklauw uit de Scandinavische landen, zodat de kwaliteit zeker goed zal zijn.Voor jicht en reumalijders, zelfs als er reeds misvormingen zijn ontstaan, bij chronische verstopping en aambeien, kunnen wij wolfsklauw thee zéér aanbevelen.

Mensen die echter aan diarree lijden, moeten uiterst voorzichtig met deze thee zijn, ze zouden anders darmkrampen kunnen krijgen.

De wolfsklauw mag nooit gekookt worden, dus gieten we het kokend water over dit kruid. Bij alle mogelijke ziektes die in verband staan met de urinewegen, voortplantingsorganen pijn of verharding van de zaadballen (testikels), bij gruisvorming in de nieren of bij nierkolieken kan wolfsklauw genomen worden.

Bij ontstekingen van de lever, bij woekeringen aan het bindweefsel van de lever; zelfs als de toestand al kwaadaardig is, is de wolfsklauw niet te ontberen. De herstellende zal daarmee vlug nieuwe krachten winnen! Bij levercirrose hebben de patiënten ‘s nachts meestal ademnood. Zelfs die mensen aan die zware leverziektes lijden, kunnen door de wolfsklauw weer een nieuw leven beginnen.

Bij kuitkrampen bindt men wolfsklauw in een doek om die kuit. Men kan er ook voetbaden, en bij blaaskrampen ook zitbaden van nemen.

Bij verminkingen of andere ongelukken blijven vaak littekens achter, die krampen kunnen veroorzaken, dit kan met een wolfsklauwkussen en baden van wolfsklauw volledig geholpen worden.

Het stuifmeel van de wolfsklauw, is als wolfsklauwsporen bij sommige apotheken verkrijgbaar, het zorgt ervoor dat bij zieken die doorgelegen zijn, de wonden korte tijd later dicht gaan en genezen. Hiertoe strooit men dit stuifmeel voorzichtig in de wonden. De zieke merkt meestal al bij het eerste gebruik een voelbare verbetering.

Thee: 1 afgestreken theelepel wolfsklauw op 250 ml kokend water. Opgieten, korte tijd laten trekken. Een kop per dag, s morgens nuchter, een half uur voor het ontbijt, met teugjes drinken.

Wolfsklauwkussen: Men neemt naargelang de grootte van de verkrampte ledematen 100, 200 of 300 gr gedroogde wolfsklauw. Men doet dit in een kussenzak en legt die ‘s nachts op de pijnlijke lichaamsdelen. Zo’n kussen behoudt zijn geneeskracht een heel jaar lang.