Tagarchief: Tekenbeet

Eerste hulp bij tekenbeet

Eerste hulp bij tekenbeet

Eerste hulp bij tekenbeet

Een teek is een klein, bruinzwart spinachtig parasiet. Het zit op lage begroeiingen in bossen, velden, stadsparken en tuinen. Een teek kan zich aan de huid hechten om bloed op te zuigen. Als het beest vol bloed zit, is het ongeveer zeven tot elf millimeter groot en valt het op de grond.

Tekenbeten zijn niet pijnlijk, waardoor je ze niet opmerkt. Vaak ontstaan op de plaats van de tekenbeet kort erna een rood vlekje. Het wordt meestal niet groter dan twee centimeter en verdwijnt binnen twee weken. Een minderheid van de teken kan de ziekte van Lyme veroorzaken en in sommige streken ook tekenencefalitis.

Controleer na een vebrlijf in de natuur, zorgvuldig je lichaam. Kijk vooral op warme, vochtige plekken zoals oksels, liezen, knieholtes, bilspleet en vooral bij kinderen op het hoofd, achter de haargrens en achter de oren.

Merk je een teek, verwijder hem dan meteen. Gebeurt dit binnen 24 uur, is de kans dat je besmet wordt klein. Verdoof of ontsmet de teek niet met alcohol, olie of andere middelen. Want dat doet het risico op besmetting toenemen.

Grijp de teek met een tekentang, een pincet of twee vingers. Neem hem vast bij de kop, zo dicht mogelijk tegen de huid. Trek hem voorzichtig in rechte beweging uit de huid en zorg ervoor dat je zijn lijf niet samenknijpt.

Maak na het verwijderen van de teek de wond schoon met water en zeep en ontsmet het daarna met alcohol (70%) of met een product op basis van chloorhexidine.

Noteer de datum van de tekenbeet. Eventuele symptomen in geval van besmetting kunnen pas een hele tijd later optreden. Hou de plaats van de tekenbeet de eerste drie weken na verwijdering goed in het oog.

Krijg je rode vlekken, hoofdpijn en/of pijn in de ledematen, moet je zo snel mogelijk een arts raadplegen. Een bloedanalyse zal uitwijzen of je een besmetting hebt opgelopen. In dat geval krijg je een aangepast antibioticum voorgeschreven.

Hoe kan je een tekenbeet voorkomen?

Blijft op de paden om contact met begroeiingen te vermijden. Vermijd lopen door het hoog gras. Bescherm je huid met kleding en schoenen: draag een lange broek en stop je broekspijpen in je sokken. Gebruik eventueel insectenwerende producten op basis van DEET (Diethyl toluamide). Ze garanderen geen absolute veiligheid en werken maar gedurende enkele uren.

Omdat DEET bestaat in verschillende vormen en concentreties, vraag je het best raad aan je apotheker. Het product kan ook schadelijk zijn, bijvoorbeeld tijdens de zwangerschap, als je borstvoeding geeft of bij jonge kinderen.